Home

Bureau

Diensten

Projecten

Downloads

Offerte

bouwhistorische verkenning s'-Gravenzande | "de Spaansche-Vloot"

object:

bouwjaar:

opdrachtgever:

architect:

management:

werkzaamheden:

datum:

 

omschrijving:

Herberg

1690

eigenaar

Wubben.Chan

Leenders & van Zijderveld BV

bouwhistorisch onderzoek

maart 2017

 

 

(noot: Bij het bouwhistorisch onderzoek is dankbaar gebruik gemaakt van het eerdere archiefonderzoek van de heer J.D. Lock dat omschreven is in het boekje, "De geschiedenis van de Spaansche Vloot)

 

Hoewel de bouwfaseringen van de panden niet verder terug gaan dan 1690, toen de herberg afbrandde en opnieuw  opgebouwd werd, gaat de geschiedenis van de herberg wel verder terug. Hoever is niet helemaal duidelijk, ondanks de aangebrachte datum 1542

 

In 1579 werd de herberg voor het eerst genoemd in de geschiften als de Bosboom en werd toen gerund door de 30-jarige Betgen Pietersdr. Het betreft hier alleen het rechterpand en niet beide panden. Betgen trouwde met Adriaen Willemsz en ze bleven samen tot 1604 de herberg runnen.  In 1604 werd het verkocht als “seeckere huijs ende erve soet alsnu neheijnt bepaelt en de betimmert es genaempt de bosboom” voor 1050 gulden aan Adriaen Adriaenzs van der Marel. Daarnaast kocht hij een jaar later ook nog een ‘bues ofte koehuijs met erf staende ende gelegen aent merktveldt’ voor 236 gulden. Gezien het bedrag gaat het hier niet om het naastgelegen pand maar een stal en mogelijk een stuk grond achter de herberg.

In 1613 verkocht hij het pand aan zijn broer en werd het omschreven als Huijs, Schuijer en de eerff staende en gelegen binnen deeser stede genaempt den Bosboom. Ook daarna verwisselde de Bosboom nog regelmatig van eigenaar. Hierbij is er steeds sprake dat de eigenaren ook in het pand wonen.

 

In 1639 versloeg Admiraal Tromp bij Duins op listige wijze de Spaanse vloot wat het begin was van de ondergang van de Spaanse overheersing wereldwijd. Aangenomen wordt dat deze overwinning voor de toenmalige herbergier Gerrit Jansz aanleiding was de naam te veranderen in ‘De Spaansche Vloot’. In 1628 veroverde Piet Heijn de Spaanse zilvervloot, wat eveneens grote indruk maakte. Ook dit kan aanleiding zijn geweest voor het wijzigen van de naam.

 

Aan het einde van het jaar 1690 werd de herberg door brand verwoest. Alleen de pas gebouwde schuur op het erf bleef gespaard. Aannemelijk is daardoor dat de schuur los stond van de herberg en mogelijk als koeienstal meer naar achteren lag op het erf.

De toenmalige herbergierster had teveel schulden waardoor het erf en de materialen overgingen op Mr. Antonie van Loon, die het pand opnieuw liet opbouwen.

Na de dood van Mr. Antonie van Loon werd het pand in 1725 verkocht voor 1250 gulden, en omschreven als “Een Hechte Stercke en neringh rijck huijsinge met sijn erff en Stalling genaemt de herberg vande Spaanse Vloot staende ende gelegen binnen der voors. stede”

Gezien de omschrijving en het bedrag mag aangenomen worden dat de herberg ook dan alleen nog tot het rechterdeel was beperkt.

 

De nieuwe eigenaar was de voormalige huurder van het pand de heer Pieter Sprockenburg. Op 12 augustus 1728 kocht hij op een publieke veiling in Den Haag een “seecker leedigh Erff daer voor desen een huijs op gestaen heeft met Tuijn” voor een bedrag van 300 gulden. Hierop bouwde hij een kolfbaan. Kolven is een historische sport die al in de 13e eeuw werd gespeeld in Nederland. Door middel van een kolf (een stok met verzwaarde onderkant) diende een houten bal met zo min mogelijk slagen een bepaald doel te raken. Het spel werd zowel op straat als op binnenbanen gespeeld. De afmeting van een dergelijke baan was 17,5 x 5 m. en zal gezien het verschil in balklagen vermoedelijk aan de voorzijde van het pand hebben gelegen. Tegelijkertijd laat hij er achter een uitspanning en paardestal bouwen waardoor het pand zijn lang gerekte oppervlakte krijgt.

Toen het pand in 1744 werd verkocht was er sprake van een Huijs, dubbel Erff, Paardenstallinge, Koeschuur, Kolfbaan en Tuijn, tesamen behoorende tot de herberge genaemt de Spaanse vloot. Ook het bedrag is ruim verdubbeld tot 4250 gulden.

 

Na deze periode wordt het pand nog enkele keren verbouwd waarbij voornamelijk vensters worden aangebracht of verplaatst als ook de kap boven het linker deel wordt vervangen.

 

Vanaf het einde van de 19e eeuw wordt De Spaanse Vloot ook gebruikt voor het veilen van diverse groenten. De kastelein J.C. Huisman zorgde voor de ruimte waar met steeds meer regelmaat veilingen werden gehouden. Ook de in 1890 opgerichte bloembollenkwekersvereniging ‘Floradia’ waar Huisman ook lid van was begon hier het veilen van bloembollen. Door de steeds vaker voorkomende veilingen liet Huisman de poort tussen de Spaanse Vloot en het naastgelegen huis van dominee Van Geest overkappen om zo de goederen droog te kunnen houden. Toen de ruimten van de Spaanse Vloot te klein werden liet hij in 1903 een veilinglokaal bouwen achter op zijn terrein. De oorspronkelijke veilingruimten lijken dan dienst te gaan doen voor vergaderingen van verschillende verenigingen. Mogelijk heeft Huisman in deze periode dan ook al ramen in de linkerzijgevel aangebracht om meer daglicht in deze ruimten te creëren.

 

 

Heeft u vragen?

Neem  gerust  vrijblijvend  contact  met  ons  op:

Bezoekadres:
Zoeterwoudesweg 23N 
2321 GM Leiden
Postadres:
Schelpenkade 13 
2313 ZT Leiden
Telefoon:
071 5147337
Mobiel:
06 41884179  (Reinoud Boter)
email:
bureau@moned.nl

KvK-nummer: 57516006